Blinden

Bijbels onderwerp · 5 Bijbelteksten · Statenvertaling

Leviticus 19:14 14Gij zult den dove niet vloeken, en voor het aangezicht des blinden geen aanstoot zetten; maar gij zult voor uw God vrezen; Ik ben de HEERE!

Deuteronomium 27:18 18Vervloekt zij, die een blinde op den weg doet dolen! En al het volk zal zeggen: Amen.

2 Samuel 5:8 8Want David zeide ten zelven dage: Al wie de Jebusieten slaat, en geraakt aan die watergoot, en die kreupelen, en die blinden, die van Davids ziel gehaat zijn, die zal tot een hoofd en tot een overste zijn; daarom zegt men: Een blinde en kreupele zal in het huis niet komen.

Lucas 14:13-14 13Maar wanneer gij een maaltijd zult houden, zo nood armen, verminkten, kreupelen, blinden; 14En gij zult zalig zijn, omdat zij niet hebben, om u te vergelden; want het zal u vergolden worden in de opstanding der rechtvaardigen.

2 Korintiërs 4:4 4In dewelke de god dezer eeuw de zinnen verblind heeft, namelijk der ongelovigen, opdat hen niet bestrale de verlichting van het Evangelie der heerlijkheid van Christus, Die het Beeld Gods is.

Onderwerpen onder Blinden

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →