NBG-vertaling 1951 · Zegen zij dezen huize
1Een lied Hammaaloth. Welgelukzalig is een iegelijk, die den HEERE vreest, die in Zijn wegen wandelt.
2want gij zult eten de opbrengst van uw handen; welzalig gij, het zal u welgaan.
3Uw vrouw zal zijn als een vruchtbare wijnstok binnen in uw huis; uw zonen als olijfscheuten rondom uw dis.
4Zie, zo zal de man gezegend worden, die de Here vreest.
5De Here zegene u uit Sion, opdat gij het goede van Jeruzalem moogt zien al uw levensdagen,
6en opdat gij uw kindskinderen moogt zien. Vrede zij over Israël.
Lees ook in: Statenvertaling · HSV · KJV