Mattheüs 1 — Geslachtsregister (25 verzen) 1. Geslachtsregister van Jezus Christus, de zoon van David, de zoon van Abraham.
Mattheüs 2 — De wijzen uit het Oosten (23 verzen) 1. Toen nu Jezus geboren was te Betlehem in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het Oosten kwamen te …
Mattheüs 3 — Johannes de Doper (17 verzen) 1. In die dagen trad Johannes de Doper op en hij predikte in de woestijn van Judea,
Mattheüs 4 — De verzoeking in de woestijn (25 verzen) 1. Toen werd Jezus door de Geest naar de woestijn geleid om verzocht te worden door de duivel.
Mattheüs 5 — De Bergrede – de zaligsprekingen (48 verzen) 1. Toen Hij nu de scharen zag, ging Hij de berg op en nadat Hij Zich had nedergezet, kwamen zijn discipelen tot Hem.
Mattheüs 6 — De Bergrede – het Onze Vader (34 verzen) 1. Ziet toe, dat gij uw gerechtigheid niet doet voor de mensen, om door hen opgemerkt te worden; want dan hebt gij geen …
Mattheüs 7 — De Bergrede – het slot (29 verzen) 1. Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt;
Mattheüs 8 — De genezing van een melaatse (34 verzen) 1. Nadat Hij nu van de berg was afgedaald, volgden Hem vele scharen.
Mattheüs 9 — De genezing van een verlamde (38 verzen) 1. En in een schip gegaan zijnde, stak Hij over en Hij kwam in zijn eigen stad. En zie, men bracht een verlamde, …
Mattheüs 10 — De roeping en uitzending der apostelen (42 verzen) 1. En Hij riep zijn twaalf discipelen tot Zich en gaf hun macht over onreine geesten om die uit te drijven en om …
Mattheüs 11 — Jezus en Johannes de Doper (30 verzen) 1. En het geschiedde, toen Jezus zijn bevelen aan zijn twaalf discipelen ten einde had gebracht, dat Hij vandaar vertrok om te leren …
Mattheüs 12 — Aren plukken op sabbat (50 verzen) 1. Te dien tijde ging Jezus op de sabbat door de korenvelden en zijn discipelen kregen honger en begonnen aren te plukken en …
Mattheüs 13 — De gelijkenis van de zaaier (58 verzen) 1. Op die dag ging Jezus het huis uit en Hij zat bij de zee.
Mattheüs 14 — De dood van Johannes de Doper (36 verzen) 1. In die tijd hoorde Herodes, de viervorst, wat van Jezus verteld werd,
Mattheüs 15 — Een twistgesprek met de Farizeeën (39 verzen) 1. Toen kwamen uit Jeruzalem Farizeeën en schriftgeleerden tot Jezus en vroegen:
Mattheüs 16 — De vraag om een teken (28 verzen) 1. En de Farizeeën en Sadduceeën kwamen tot Hem en vroegen, om Hem te verzoeken, dat Hij hun een teken uit de hemel …
Mattheüs 17 — De verheerlijking op de berg (27 verzen) 1. En zes dagen later nam Jezus Petrus en Jakobus en zijn broeder Johannes mede en Hij leidde hen een hoge berg op, …
Mattheüs 18 — Wie is de grootste in het Koninkrijk? (35 verzen) 1. Op dat ogenblik kwamen de discipelen bij Jezus en vroegen: Wie is wel de grootste in het Koninkrijk der hemelen?
Mattheüs 19 — De echtscheiding (30 verzen) 1. En het geschiedde, toen Jezus deze woorden geëindigd had, dat Hij uit Galilea vertrok, en Hij kwam over de Jordaan in het …
Mattheüs 20 — De gelijkenis van de arbeiders in de wijngaard (34 verzen) 1. Want het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een heer des huizes, die des morgens vroeg arbeiders voor zijn wijngaard ging huren.
Mattheüs 21 — De intocht in Jeruzalem (46 verzen) 1. En toen zij Jeruzalem naderden en te Betfage kwamen, aan de Olijfberg, toen zond Jezus twee discipelen uit, tot wie Hij zeide:
Mattheüs 22 — Het koninklijke bruiloftsmaal (46 verzen) 1. En Jezus antwoordde en sprak wederom in gelijkenissen tot hen en zeide:
Mattheüs 23 — Rede tegen de schriftgeleerden en Farizeeën (39 verzen) 1. Toen sprak Jezus tot de scharen en tot zijn discipelen,
Mattheüs 24 — Rede over de laatste dingen (51 verzen) 1. En Jezus ging de tempel uit en vertrok. En zijn discipelen kwamen tot Hem om Hem op de gebouwen van de tempel …
Mattheüs 25 — De wijze en de dwaze maagden (46 verzen) 1. Dan zal het Koninkrijk der hemelen vergeleken worden met tien maagden, die haar lampen namen en uittrokken, de bruidegom tegemoet.
Mattheüs 26 — Gethsemane – de gevangenneming (75 verzen) 1. En het geschiedde, toen Jezus al deze woorden geëindigd had, dat Hij tot zijn discipelen zeide:
Mattheüs 27 — Naar Pilatus – Judas’ dood (66 verzen) 1. Toen het nu morgen geworden was, namen al de overpriesters en de oudsten des volks het besluit tegen Jezus om Hem te …
Mattheüs 28 — De opstanding en het zendingsbevel (20 verzen) 1. Laat na de sabbat, tegen het aanbreken van de eerste dag der week, ging Maria van Magdala en de andere Maria het …