Johannes 1 — Het Woord is vlees geworden (52 verzen) 1. In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.
Johannes 2 — De bruiloft te Kana (25 verzen) 1. En op de derde dag was er een bruiloft te Kana in Galilea en de moeder van Jezus was daar;
Johannes 3 — Nikodemus – wedergeboren worden (36 verzen) 1. En er was iemand uit de Farizeeën, wiens naam was Nikodemus, een overste der Joden;
Johannes 4 — Het gesprek met de Samaritaanse vrouw (54 verzen) 1. Toen nu de Here vernam, dat de Farizeeën gehoord hadden, dat Jezus meer discipelen maakte en doopte dan Johannes,
Johannes 5 — Een genezing op sabbat (47 verzen) 1. Daarna was er een feest der Joden en Jezus ging op naar Jeruzalem.
Johannes 6 — De spijziging van de vijfduizend (71 verzen) 1. Daarna vertrok Jezus naar de overzijde van de zee van Tiberias in Galilea.
Johannes 7 — Het ongeloof van Jezus’ broeders (53 verzen) 1. En daarna trok Jezus rond in Galilea; want Hij wilde Zich in Judea niet ophouden, omdat de Joden Hem trachtten te doden.
Johannes 8 — Het licht der wereld (59 verzen) 1. maar Jezus begaf Zich naar de Olijfberg.
Johannes 9 — De blindgeborene (41 verzen) 1. En voorbijgaande zag Hij een man, die sedert zijn geboorte blind was.
Johannes 10 — De goede Herder (42 verzen) 1. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, wie niet door de deur de schaapskooi binnenkomt, maar op een andere plaats inklimt, die is een …
Johannes 11 — De opwekking van Lazarus (57 verzen) 1. Er was iemand ziek, Lazarus van Betanië, het dorp van Maria en haar zuster Marta.
Johannes 12 — De zalving te Betanië (50 verzen) 1. Jezus dan kwam zes dagen vóór het Pascha te Betanië, waar Lazarus was, die Jezus uit de doden had opgewekt.
Johannes 13 — De voetwassing (38 verzen) 1. En vóór het Paasfeest, toen Jezus wist, dat zijn ure gekomen was om uit deze wereld over te gaan tot de Vader, …
Johannes 14 — Het huis des Vaders (31 verzen) 1. Uw hart worde niet ontroerd; gij gelooft in God, gelooft ook in Mij.
Johannes 15 — De ware wijnstok (27 verzen) 1. Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de landman.
Johannes 16 — Volharden (33 verzen) 1. Dit heb Ik tot u gesproken, opdat gij niet ten val komt.
Johannes 17 — Het hogepriesterlijk gebed (26 verzen) 1. Dit sprak Jezus en Hij hief zijn ogen ten hemel en zeide: Vader, de ure is gekomen; verheerlijk uw Zoon, opdat uw …
Johannes 18 — De gevangenneming (40 verzen) 1. Na dit gezegd te hebben, ging Jezus met zijn discipelen naar de overzijde van de beek Kidron, waar een hof was, die …
Johannes 19 — De kruisiging en begrafenis (42 verzen) 1. Toen nam dan Pilatus Jezus en liet Hem geselen.
Johannes 20 — De opstanding (31 verzen) 1. En op de eerste dag der week ging Maria van Magdala vroeg, terwijl het nog donker was, naar het graf en zij …
Johannes 21 — De verschijning aan het meer van Tiberias (25 verzen) 1. Hierna openbaarde Jezus Zich opnieuw aan de discipelen bij de zee van Tiberias en Hij openbaarde Zich aldus.