Nehemia 1 — Gebed van Nehemia voor de Israëlieten (11 verzen) 1. De woorden van Nehemia, de zoon van Hachalja. Het gebeurde in de maand Chisleu, in het twintigste jaar, toen ik in de …
Nehemia 2 — Nehemia door Artachsasta naar Jeruzalem gezonden (20 verzen) 1. Het gebeurde in de maand Nisan, in het twintigste jaar van koning Arthahsasta, toen er wijn voor hem gereedstond, dat ik de …
Nehemia 3 — Herbouw van de muren en poorten van Jeruzalem (32 verzen) 1. Toen stonden Eljasib, de hogepriester, en zijn broeders, de priesters, op en herbouwden de Schaapspoort. Zij heiligden die en plaatsten de deuren …
Nehemia 4 — Voortzetting van het werk ondanks tegenstand (23 verzen) 1. Het gebeurde, toen Sanballat gehoord had dat wij de muur herbouwden, dat hij in woede ontstak en zeer geërgerd was. Hij bespotte …
Nehemia 5 — Maatregelen van Nehemia ten bate der armen (19 verzen) 1. Er ontstond een luid geroep van het volk en van hun vrouwen tegen hun broeders, de Joden.
Nehemia 6 — Voltooiing van de muur onder tegenstand (19 verzen) 1. Het gebeurde, toen Sanballat, Tobia en Gesem, de Arabier, en onze overige vijanden ter ore kwam dat ik de muur herbouwd had …
Nehemia 7 — De bewaking der stad (73 verzen) 1. Het gebeurde, toen de muur herbouwd was, dat ik de deuren plaatste en dat de poortwachters, de zangers en de Levieten werden …
Nehemia 8 — Voorlezing van de wet – Loofhuttenfeest (19 verzen) 1. Toen de zevende maand aanbrak en de Israëlieten in hun steden waren,
Nehemia 9 — Dag van boete en bede (38 verzen) 1. Op de vierentwintigste dag van deze maand verzamelden de Israëlieten zich met vasten en in rouwgewaden, met aarde op hun hoofd.
Nehemia 10 — Het volk sluit een verbond met God (39 verzen) 1. Onder hen die hun zegel zetten waren: Zijne Excellentie Nehemia, de zoon van Hachalja, en Zidkia,
Nehemia 11 — De nieuwe inwoners van Jeruzalem (36 verzen) 1. De vorsten van het volk woonden in Jeruzalem, maar de rest van het volk wierp het lot om één op de tien …
Nehemia 12 — Lijst van priesters en Levieten (47 verzen) 1. Dit zijn de priesters en de Levieten die met Zerubbabel, de zoon van Sealthiël, en Jesua waren opgetrokken: Seraja, Jeremia, Ezra,
Nehemia 13 — Nehemia’s ijver voor de wet (31 verzen) 1. Op die dag werd er voorgelezen uit het boek van Mozes voor de oren van het volk. Daarin werd voorgeschreven bevonden dat …